Gepubliceerd: 04-06-2026 • Leestijd: 10 min
Het Nederlands elftal is de outsider voor het WK 2026 waar veel te weinig over wordt gesproken
Een ervaren bondscoach, spelers gehard in de Premier League, tactische veelzijdigheid en de beste defensie van het toernooi. Dit is waarom Oranje weleens een probleem kan worden op het WK.
Op Club BetCity bieden wij iets unieks aan. Dit vind je namelijk nergens anders in Nederland. Journalistieke content, geschreven door experts van onder andere L'Equipe, The Athletic en Trivela. Natuurlijk bieden wij deze content voor Slimme Spelers aan!
Als Engeland hoog op het lijstje staat van voetballanden die structureel onderpresteren, dan kan Nederland daar niet ver achter zitten.
Er zit een zekere symmetrie in hun beider beproevingen. Beide landen hebben maar één grote prijs, ondanks een historisch overschot aan voetbaltalent. Voor Charlton, Moore en het WK 1966 kun je bij Oranje denken aan Van Basten, Gullit en EK 1988.
Beide landen hebben meerdere keren pijnlijke nederlagen in een finale geleden. Als Engelse fans vinden dat zij het zwaar hebben gehad in de laatste twee Europese Kampioenschappen, neem dan een moment voor de supporters van Oranje, die alle drie de WK-finales die ze haalden verloren: in 1974, 1978 en 2010.
De outsiders
Beide landen misten ook meerdere keren op een haar na de finale in de halve eindstrijd, nog los van de gênante uitschakelingen doordat ze zich helemaal niet voor eindtoernooien wisten te plaatsen. De laatste twee decennia zag je hoe Engeland Euro 2008 misliep en hoe Nederland het voor elkaar kreeg om zowel het EK 2016 als het WK 2018 te missen.
Maar zodra het gaat over het naderende WK, houden de vergelijkingen ineens op. Waar Engeland is toegevoegd aan het rijtje landen dat in staat wordt geacht de beker te winnen, hebben de Nederlanders hooguit het stempel ‘buitenstaander’ gekregen.
Toen de selectie van Oranje op 27 mei door Ronald Koeman werd bekendgemaakt, werden de belangrijkste redenen voor die voorbarige kwalificatie duidelijk. Ja, 12 jaar na zijn doorbraak op een WK leunt Nederland nog steeds op een steeds blessuregevoeliger Memphis Depay in de spits. En ja, je las het goed: Wout Weghorst, met slechts twee competitiedoelpunten in 2026 voor een ontstellend zwak Ajax, is alsnog geselecteerd.
Het wegvallen van Xavi Simons – een van de weinige echt sprankelende aanvallende spelers – is bovendien een enorme aderlating. Ook de loting zat Koemans ploeg bepaald niet mee, met als tegenstanders Japan, Zweden en Tunesië.
Toch dringt zich, parafraserend op die oude reclame voor mobiele telefoons, de vraag op: zou de nabije toekomst in Noord-Amerika niet alleen bright, maar vooral Oranje kunnen zijn?
Er zijn zeker redenen voor Nederlandse fans om te hopen dat dit het jaar wordt waarin eindelijk dat WK-spook wordt verdreven:
Ben je nieuw bij BetCity? Maak dan een transfertje naar ons en profiteer van een welkomstbonus naar keuze: €50 aan Free Bets, 200 Free Spins of €250 aan bonusgeld
Een pleidooi voor de defensie
Voetbalpuristen en samenvattingskijkers zullen het misschien niet graag horen, maar meestal zijn het de defensies die titels winnen. En op toernooien zijn ze al helemaal cruciaal. Je hebt niet zo veel aan een gelikt interieur in je woonkamer als er een gigantisch gat in het dak zit.
Wie de selecties langsloopt van de landen die boven Nederland worden ingeschat, zal moeite hebben aannemelijk te maken dat één van hen betere verdedigende opties heeft. Je zou zelfs kunnen stellen dat Nederland de beste defensie van het hele toernooi heeft, punt.
De vermoedelijke vaste achterhoede bestaat uit Denzel Dumfries, Jurriën Timber, Virgil van Dijk en Micky van de Ven. Oplettende kijkers zullen opmerken dat drie van deze spelers niet op hun gebruikelijke clubpositie staan – Timber is normaal back, Van de Ven centrale verdediger en Dumfries een aanvallende wingback. Maar onder Koeman blinken ze alle drie in die alternatieve rollen uit, waarbij Timber eerder bij Ajax al regelmatig als centrumverdediger speelde.
Stuk voor stuk zijn ze fysiek sterk, kopsterk en comfortabel aan de bal. De snelheid van de twee Noord-Londense spelers aan weerszijden van Van Dijk compenseert bovendien eventuele zorgen over de inmiddels bijna 35-jarige aanvoerder en zijn ouder wordende benen.
De defensieve kwaliteit is zó groot dat Koeman, zelfs met een geblesseerde Matthijs de Ligt, het zich kan permitteren om spelers als Jeremie Frimpong, Stefan de Vrij, Lutsharel Geertruida en Sven Botman thuis te laten.
Op papier zijn er zelfs maar zeven verdedigers geselecteerd; maar met Nathan Aké, Jan Paul van Hecke en Jorrel Hato in reserve zal vrijwel niemand serieus twijfelen aan de breedte van de verdedigende opties die Koeman achter de hand heeft.
Rijk aan veelzijdigheid
Een van de redenen dat Koeman een verdediger minder meeneemt, is zijn vertrouwen dat Mats Weiffer, van oorsprong centrale middenvelder, ook rechtsback kan spelen. En dat wijst op een ander sleutelkenmerk van deze selectie: bijna alle spelers kunnen op meer dan één positie uitstekend uit de voeten. Die veelzijdigheid is onmisbaar op een eindtoernooi.
Bovengenoemde Aké en Hato kunnen zowel linksback als centrumverdediger spelen. Mocht Koeman extra defensieve zekerheid willen inbouwen, dan heeft Dumfries bij Internazionale laten zien dat hij als rechtsbuiten uit de voeten kan, met Timber dan als rechtsback.
Op het middenveld beschikt Koeman over meerdere spelers die zich zowel als controlerende, opbouwende zes als hoger op het veld prettig voelen: Frenkie de Jong, Teun Koopmeiners, Quinten Timber en Ryan Gravenberch. Bij die laatste wordt het soms vergeten – mede door zijn omscholing bij Liverpool – dat Gravenberch zijn naam maakte bij Ajax als box-to-boxmiddenvelder die meer dan in staat is om aanvallend zijn steentje bij te dragen.
En hoewel de pure spitsenkeuze weinig tot de verbeelding spreekt – ondanks het sterke seizoen van Brian Brobbey – beschikt Oranje wel over een batterij buitenspelers die op beide flanken uit de voeten kunnen of, in het geval van Cody Gakpo en Donyell Malen, zelfs in de punt.
In Nederland gaan stevige stemmen op om Malen als basisspits te laten beginnen, nadat hij 14 doelpunten in 18 Serie A-duels voor Roma maakte. En al heeft Gakpo zijn critici, voor Oranje is hij doorgaans uitstekend. Spelers als Justin Kluivert en Guus Til doen misschien niet meteen harten sneller kloppen, maar het zijn onbetaalbare selectiespelers die over de hele voorhoede inzetbaar zijn, of zelfs als aanvallende middenvelder.
Moet Koeman door blessures – tijdens of vóór wedstrijden – schuiven, dan heeft hij een groep spelers tot zijn beschikking die zich eenvoudig kan aanpassen. Dat geldt ook tactisch. Op het vorige WK kreeg Louis van Gaal bakken kritiek over zich heen vanwege zijn vasthoudendheid aan een defensief 5-3-2/3-5-2-systeem met wingbacks. Toen Koeman terugkeerde als bondscoach, was hij duidelijk: er zou weer met een 4-3-3- of 4-2-3-1-formatie worden gespeeld.
Maar deze ploeg heeft nog altijd de mogelijkheden – en in sommige gevallen de toernooi-ervaring – om indien nodig terug te schakelen naar dat oude systeem. Koeman gebruikte het zelfs een groot deel van de EK 2024-kwalificatiereeks. Weinig landen op dit WK kunnen zo moeiteloos variëren van formatie.
Met gemak van systeem en positiewisselingen win je niet automatisch een WK – maar het is wél een bijzonder handig wapen als je ver wilt komen.
Ervaring en momentum
Als de Premier League algemeen wordt gezien als de sterkste competitie ter wereld, en er in het seizoen 25/26 meer Nederlandse spelers (36) actief waren dan ooit tevoren, zouden we de kansen van het nationale elftal dan niet wat hoger moeten inschatten?
Meer dan de helft (15) van Koemans selectie van 26 man speelde vorig seizoen in de Premier League, een statistiek waarin ook Malen is meegerekend, vóór zijn overstap in januari naar Italië. Reken je breder, dan zie je dat er in de afgelopen twaalf maanden, van de in totaal 41 spelers die werden opgeroepen, 22 actief waren in de Premier League – onder wie Mark Flekken, die afgelopen zomer Brentford verliet. Prestaties op clubniveau zijn geen garantie voor internationaal succes, maar het is wel een context die bij dit Oranje vaak onderbelicht blijft.
Wat toernooi-ervaring betreft barst deze selectie bovendien nog altijd uit zijn voegen. Exact de helft van de groep was er ook bij toen Oranje bijna de finale van het EK 2024 haalde. Ter vergelijking: dat is er maar één minder dan Engeland. Ga je nog verder terug, dan zie je dat 11 van de huidige opties ook al deelnamen aan het WK van 2022. Die continuïteit en de kennis van wat er allemaal komt kijken bij spelen op het allerhoogste podium zijn van grote waarde.
Daaronder valt ook de ervaring van iemand als Depay. Dat hij zo’n sleutelrol vervult, onderstreept misschien het aanhoudende gebrek aan diepte in de spits, maar je kunt zijn status als alltime topscorer van Oranje, met 108 interlands, niet negeren. Hetzelfde geldt voor Van Dijk, die inmiddels 90 caps heeft, terwijl Dumfries (71) en De Jong (64) eveneens van onschatbare waarde zijn. In totaal hebben tien spelers in de selectie 30 of meer interlands op hun naam. Ter referentie, dat zijn er twee meer dan bij Engeland.
En hoewel momentum niet alles zegt, helpt het zeker als je een eindtoernooi ingaat. Het voedt vertrouwen, teamgeest en automatismen. In de kwalificatie won Nederland zes van zijn acht wedstrijden, speelde er twee gelijk, scoorde 27 keer en kreeg slechts vier goals tegen. Sinds de verloren halve finale op het EK 2024 heeft Oranje in 18 duels slechts één keer verloren binnen 90 minuten of na verlenging.
Een wereldklasse-middenveld
De juiste balans vinden op het centrale middenveld is een probleem waar veel nationale ploegen mee worstelen. Vaak ontstaat de scheefgroei doordat bondscoaches het gevoel hebben bepaalde grote namen in zo’n cruciale zone niet te kunnen passeren, zelfs als hun kwaliteiten niet goed bij elkaar passen.
Koeman hoeft zich over dat soort dilemma’s met Gravenberch en Frenkie de Jong geen zorgen te maken. Zij belichamen alle eigenschappen die traditioneel met Nederlandse middenvelders worden geassocieerd: technische klasse, een bijna zwevende motoriek over het veld, een uitstekend spelinzicht en een fabuleuze passing.
Beiden zijn agressief in de duels en voelen zich zowel prettig als diepste middenvelder als in de rol van loper die vanuit de tweede lijn aansluit voorin. In theorie zouden ze perfect complementair moeten kunnen zijn.
Geen van beiden was echter op het EK 2024 op het veld te zien – De Jong ontbrak geblesseerd, terwijl Gravenberch slechts selectiespeler was en geen enkele keer op de bank zat. Hun koppel op het middenveld is een forse upgrade en op papier een van de sterkste duo’s van dit WK.
Daarvoor is het gebrek aan recente speeltijd van Tijjani Reijnders een tegenvaller, maar de speler van Manchester City zal naar verwachting toch de aangewezen ‘nummer 10’ zijn – en hij zal in elk geval fit en fris zijn.
Ook hij deelt veel van de kwaliteiten van Gravenberch en De Jong en met 10 doelpunten en assists in 30 interlands heeft hij bewezen het niveau aan te kunnen. Het is een middenveld met echte balans: een motorkamer én creatief platform ineen, dat deze zomer een grote rol kan gaan spelen.
Bij het vorige WK in Noord-Amerika in 1994 haalde Nederland de kwartfinale. Voor velen zal dat opnieuw hun glazen plafond zijn, net als in 2022. Kunnen ze helemaal tot het einde reiken? De rationele inschatting is van niet.
Toch zou je ze met deze defensieve en middenveldkwaliteit, plus een selectie vol veelzijdigheid en ervaring, niet moeten onderschatten. Halen ze opnieuw de knock-outfase, waar de marges miniem zijn, dan kunnen precies die eigenschappen de doorslag geven. Het zou zomaar een heel ander type oranje persoon kunnen zijn die op 19 juli alle eer opeist.
Bron: FourFourTwo
Aanbevolen voor jou
Casino
Extra
Prijzengeld WK voetbal 2026: hoeveel kan Oranje verdienen?
De kampioen van het WK 2026 gaat niet alleen aan de haal met de meest begeerde trofee van het voetbal, maar ontvangt ook een premie van 50 miljoen dollar (€42,96 miljoen). De aankondiging werd halverwege december gedaan door de FIFA, tijdens het Intercontinentaal Bekertoernooi in Doha, Qatar. Het bedrag werd deze week goedgekeurd door de FIFA-Raad.

Ronaldo wijst zijn favorieten aan voor het WK voetbal 2026
Het Braziliaanse nationale elftal speelt in november zijn laatste wedstrijden in 2025, één jaar voor het Wereldkampioenschap. Tijdens het proces van kwalificatie voor het WK en de vriendschappelijke ontmoetingen viel er veel te zien van het nationale team: gespannen kwalificatiecampagne, motiverende overwinningen en zelfs historische nederlagen.




