Prijzengeld Tour de France 2024

Nee, het is niet Pogacar die het record op de Alpe d’Huez houdt, maar een onbekende Fransman

Gepubliceerd: 24-07-2026 • Leestijd: 5 min

Arthur Blanc greep op 19 juni de beste tijd op de Alpe d’Huez op de app Strava. De 28-jarige Savoyaard, lid van de jonge ploeg Prizm Racing, slikte de 21 bochten van de klim in 35’38” en liet zien wat er in het amateurpeloton schuilgaat. Zal dit record nog overeind staan na de passage van Tadej Pogacar en de zijnen, aanstaande vrijdag?

Op Club BetCity bieden wij iets unieks aan. Dit vind je namelijk nergens anders in Nederland. Journalistieke content, geschreven door experts van onder andere L'Equipe, The Athletic en Trivela. Natuurlijk bieden wij deze content voor Slimme Spelers aan!

Hij heet geen Paul Seixas, heeft noch de tienerleeftijd noch de media-aandacht van de helden van juli, maar toch zullen Tadej Pogacar en zijn ploeg vrijdag flink moeten stoempen om hem te kloppen op de flanken van de Alpe d’Huez.

Want midden in een hittegolf, in juni, terwijl de Tour-deelnemers nog één keer op hoogte adem gingen happen voor de Grote Start in Barcelona, ramde Arthur Blanc onverbiddelijk de eenentwintig bochten van de legendarische Isère-klim op om er de KOM (“King of the Mountain”), de beste tijd op de app Strava, te veroveren: 35’38”.

Met een gemiddelde van 20 km/u en 334 watt over 12 km en 8,8% stijgingspercentage, wipte de 28-jarige Franse amateur de opportunistische Canadees Jack Burke, de vorige houder (35’56”), uit het zadel, evenals alle profs die hem waren voorgegaan, te beginnen met de Amerikaan Sepp Kuss (Visma–Lease a Bike, 36’05”).

Nee, hij heeft de hele prestatie niet gefilmd en ja, die was ‘brut’, zonder aanloop in de vallei en zonder tweeënhalve week koers in de benen. “Maar het zijn niet alleen de profs die goed kunnen fietsen,” werpt hij tegen, “het grote publiek beseft niet echt hoe groot de densiteit is die zich achter de profs bevindt.”

Arthur Blanc had twee pogingen nodig. Door de hitte en het verkeer kraakte de Savoyaard in de laatste kilometers bij zijn eerste poging, dus ging hij de volgende avond terug, in de koelte en de rust, omdat de benen nog best goed voelden en hij het gevoel had dat er wat in zat.

Op een profrenfiets met een “klassische aandrijving” werkte hij zijn prestatie staand op de pedalen af, met een grimas op het gezicht, armen en stuur schommelend, om vervolgens uitgeput op een bankje neer te vallen, trui open, in afwachting van het moment dat de trofee op zijn smartphone zou verschijnen.

Die paar momenten zijn vervat in een mini-docu, geproduceerd door zijn ploeg Prizm Racing, een project uit de Drôme dat dit jaar is gelanceerd, zich richt op de beste Franse cyclo’s en tegelijk zij-uitdagingen aangaat, zoals deze, verteld via content op sociale media.

“Het doel was om ons te meten met een van de meest mythische beklimmingen uit de wielerwereld en om de prestatie van een zeer goed getrainde amateur te vergelijken met de referenties van het allerhoogste wereldniveau, met name met de passage van de profs op diezelfde klim tijdens de Tour de France,” plaatst oprichter en renner Maël Coiquaud in context.

promotional image

Ben je nieuw bij BetCity? Maak dan een transfertje naar ons en profiteer van een welkomstbonus naar keuze: €50 aan Free Bets, 200 Free Spins of €250 aan bonusgeld

Het amateurwielrennen lijdt onder de drang van de profwereld om zijn parel te vinden en om die vooral niet mis te lopen of te laten ontsnappen, waardoor de zoektocht steeds verder doorschuift naar de allerjongsten en hele tussenstappen gemarginaliseerd raken.

“Ik denk dat er talenten zijn die een beetje door de mazen glippen van een mogelijke carrière, omdat het amateurcircuit langzaam aan het doodbloeden is. En dat helpt het Franse wielrennen niet om zijn kansen te optimaliseren op een grote densiteit aan renners op internationaal niveau,” vreest Blanc, die rijdt in Nationale 1, het hoogste niveau van het amateurwielrennen en tegelijk het niveau dat het hardst onder druk staat.

“Er zat ook een kleine indirecte boodschap in: laten zien dat er renners zijn die we niet per se kennen, maar die het heel goed zouden kunnen doen.”

Zelfs beter dan hij, zelfs. Arthur Blanc is geen “KOM-jager”. Zie zijn prestatie als etalage, als voorbeeld: “Als je alle fietsers ter wereld één keer die klim zou laten doen, denk ik dat ik blij zou zijn als ik zestigste werd. Mijn prestatie is representatief in verhouding tot de mensen die al over dat segment zijn gegaan. Maar als de hele wereld het onder dezelfde omstandigheden zou proberen, dan denk ik dat ik ver verwijderd zou zijn van het record.”

In de Alpe d’Huez, de waanzin van de dag ervoor

Het zadel van de Beaufortain is niettemin goed ingereden, met dit jaar al meer dan 13.000 kilometers op de teller. Te bedenken dat hij pas op zijn 24e vol voor het wielrennen is gegaan, na een voorgeschiedenis in het alpineskiën en vervolgens een aansprekende internationale loopbaan in het skialpinisme.

In 2021 versiert hij een stage bij de Swiss Racing Academy (het latere Tudor) dankzij een klim in 38 minuten op… de Alpe d’Huez. Kijk eens aan. “Het is die prestatie geweest die me uiteindelijk de toegang tot de wielerwereld heeft gegeven. Voor mij persoonlijk was het interessant om daar terug te keren.”

De deur naar de grote jongens is niet echt opengegaan, al heeft die een paar keer op een kier gestaan. “Vandaag maak ik mezelf geen illusies meer,” stelt hij. “Als je ouder bent dan 25… Je moet al voor je 19e sterk zijn, anders wordt het lastig.”

Hij heeft een manier gevonden om zich via de oranje app toch met die verboden elite te meten. Zal hij vrijdag door “Pogi” en co terechtgewezen worden? “Dat zal van de koers afhangen,” nuanceert hij. “Fysiek zijn ze in staat om sneller te gaan dan ik, ik zou zeggen twee minuten sneller, zelfs meer. We zullen het scenario moeten afwachten.” Dat scenario ligt niet in zijn handen.

Bron: L’Équipe - Audrey Quétard

Promoties
Bekijk alle
LINE-UP: €150.000 AAN BONUSSEN
TOT 100X JE INZET BIJ JE EERSTE STORTING
SPORT WELKOMSTBONUS